Leenstelsel (hbo en wo)

Afgelopen tijd is er een hoop veranderd op het gebied van studiefinanciering. Op deze pagina vind je informatie over zowel het huidige leenstelsel voor hbo en wo als het oude stelsel (studiefinanciering).

Terminologie

Leenstelsel, studievoorschot of toch nog steeds studiefinanciering of stufi? Wat betekenen al deze termen en in hoeverre verschillen ze van elkaar? Hieronder de belangrijkste termen uitgelegd:

Studiefinanciering (in de volksmond: stufi) is de overkoepelende term voor het geld dat je als student van overheid krijgt of leent. Deze term is met het nieuwe stelsel niet veranderd, de toevoeging wel: vroeger kreeg je een maandelijks bedrag van de overheid als gift tegenwoordig is dit een lening.

Onder studiefinanciering vallen nog drie zaken: zoals gratis gebruik maken van het openbaar vervoer met je studenten-OV. Dit is wel nog steeds een gift, mits je binnen tien jaar je diploma haalt.

Het derde onderdeel dat onder de stufi valt, is een aanvullende beurs. Of je die krijgt, is afhankelijk van het inkomen van je ouders. Ook deze is als je binnen tien jaar afstudeert een gift. Met het nieuwe stelsel kun je een hoger aanvullend bedrag krijgen.

Ten slotte valt collegegeldkrediet onder studiefinanciering. Dit is een extra bedrag dat je kunt lenen bovenop je maximale lening, speciaal bedoeld om je collegegeld mee te betalen.

Basisbeurs: In het oude stelsel werd het maandelijkse bedrag aan studiefinanciering als gift ook wel de basisbeurs genoemd. Dit is in het nieuwe stelsel vervangen door het studievoorschot.

Leenstelsel en studievoorschot zijn beide namen voor het nieuwe stelsel waarbij het maandelijkse bedrag aan studiefinanciering een lening geworden is. Soms wordt gesproken over een ‘sociaal leenstelsel’, verwijzend naar de gunstige voorwaarden om terug te betalen (zie hieronder).

Spelregels

Niet iedereen heeft recht op studiefinanciering. Zo moet je bijvoorbeeld de Nederlandse nationaliteit hebben (of voldoen aan de voorwaarden voor niet-Nederlanders) en moet je in de eerste maand dat de studiefinanciering gestort wordt, jonger zijn dan dertig.

Ook zitten er regels aan de hoogte en duur van je lening. Het maximale bedrag dat je kunt lenen is in 2017 €867,68 per maand. Hier bovenop kun je nog collegegeldkrediet lenen ter hoogte van ongeveer €165,-. De aanvullende beurs is maximaal €387,92. Met de rekenhulp van DUO kun je berekenen hoeveel jij zou moeten lenen als je inkomsten van een bijbaan, gift van je ouders en zorg- en huurtoeslag meerekent.

De meeste opleidingen in het hbo en wo (bachelor en master) duren vier jaar. De maandelijkse lening en het collegegeldkrediet kun je in principe krijgen voor deze vier jaar (nominale studieduur) plus voor drie jaar extra. StudentenOV krijg je voor nominaal plus één jaar extra en een eventuele aanvullende beurs alleen maar voor je nominale studieduur. Je kunt tussentijds stoppen met studeren. Zet dan ook op tijd je stufi stop. Als je nog onder de dertig bent, kun je deze als je je studie weer oppakt weer activeren. Wel moet je je aantal jaren recht op studiefinanciering ‘opmaken’ binnen tien jaar.

Heb je een mbo-diploma gehaald en wil je doorstuderen op het hbo? Dan tellen voor jou dezelfde regels als voor andere ‘nieuwe’ hbo-studenten. De telling van de jaren dat je recht hebt op studiefinanciering, begint als het ware opnieuw. Let op! Dit is niet het geval als je na het behalen van een hbo-diploma begint met een universitaire bachelor. In dat geval tellen de jaren door vanaf het eerste jaar dat je aan je (eerste) hbo-opleiding begon.

Extraatje

Als je tussen 2015 en 2019 bent begonnen met studeren behoor jij tot de eerste ‘generatie’ studenten die te maken krijgt met het leenstelsel. Als extraatje krijg je daarom van de overheid een ‘tegoedbon’ voor bijscholing ter waarde van ongeveer €2.000,-. Dit kun je vijf tot tien jaar na afstuderen gebruiken om bij te scholen. Daarnaast wordt voor chronisch zieken en gehandicapten zo'n €1.200,- kwijtgescholden als ze hun diploma binnen tien jaar halen.

Aflossen

Sinds de stufi voor het belangrijkste deel een lening is geworden, zijn de regels om je studieschuld af te lossen veranderd. In het nieuwe stelsel krijg je 35 jaar om je schuld af te lossen. Heb je het bedrag in die periode niet afbetaald, dan wordt de resterende schuld kwijtgescholden door de staat. In de meeste gevallen pakt het nieuwe stelsel goed uit voor de terugbetaler. Zo is de rente op je studieschuld nog nooit zo laag geweest: in 2017 is deze zelfs voor de komende vijf jaar vastgezet op 0,0%.

De eerste twee jaar na je afstuderen, hoef je nog niet af te lossen. Daarna moet je je studieschuld in maandelijkse termijnen afbetalen. Hierbij wordt rekening gehouden met je draagkracht. Als je onder een bepaalde salarisgrens zit, kan het dat je tijdelijk minder of helemaal niet hoeft af te lossen. Ook kun je het terugbetalen van je studiefinanciering in totaal zestig maanden stopzetten. Dit kan je in één keer doen of verspreid over verschillende periodes.

Oud stelsel: studiefinanciering

Ben je vóór september 2015 begonnen aan je opleiding? Dan gelden voor jou nog de regels van het oude stelsel van studiefinanciering. Dit betekent dat het maandelijkse bedrag dat je als studiefinanciering krijgt van de overheid nog een gift is. Als je op kamers woont, is het bedrag €290,68 per maand. Woon je bij je ouders, dan krijg je €104,40. De aanvullende beurs is maximaal €274,68 (voor thuiswonenden €252,91).

Heb je een bijbaan, en verdien je in 2017 meer dan €14.215,75, dan heb je geen recht op stufi. En als je je diploma niet binnen tien jaar haalt, wordt de studiefinanciering alsnog omgezet in een lening. Hetzelfde geldt voor je studenten-OV. Heb je geleend in het oude stelsel? Dan is de aflostermijn 15 jaar. Hierna wordt je studieschuld kwijtgescholden door de staat.


Zie ook:

Leenstelsel

Laatste nieuws

 
 


Gids voor studiekiezers



In de Keuzegids staat alles wat je nodig hebt om een studie te kunnen kiezen. De gids is er voor hbo, wo en mbo.

Handige tips voor: